Een led-buis is een rechte ledlamp in de vorm van een klassieke TL-buis, die u in een bestaand of nieuw TL-armatuur plaatst als vervanger van de oude fluorescentiebuis. U kent hem waarschijnlijk uit de garage, de schuur, de keuken of een kantoor: dezelfde lange staaf, maar dan gevuld met ledjes achter een matte kap in plaats van oplichtend gas.
Onthoud vooral dit, want het is de rode draad van dit artikel: een led-buis vervangt de buis, maar niet altijd zomaar de bedrading eronder. Of de nieuwe buis meteen brandt, hangt af van het voorschakelapparaat in uw armatuur. Bij de ene armatuur wisselt u alleen even de starter, bij de andere moet er iets aan de bedrading gebeuren. In dit artikel leest u welke maat en fitting u nodig heeft, hoe u een TL-buis vervangt door led, en wanneer u dat beter aan een elektricien overlaat. De led-buis is populair omdat hij fors zuiniger is, direct aangaat en veel langer meegaat dan de oude TL.
Een led-buis is een rechte lichtbuis waarin ledjes het licht maken, met dezelfde vorm en fitting als een gewone TL-buis. Daardoor past hij in hetzelfde armatuur en op dezelfde plek aan het plafond. Vandaar dat mensen hem vaak gewoon "led tl" of "led tl-buis" noemen.
Toch is die naam technisch niet helemaal juist, en dat is meteen een handig weetje. TL staat voor "tube luminescent", een fluorescentiebuis waarin een gasontlading een poederlaag laat oplichten. In een led-buis gebeurt iets heel anders: een rij ledjes op een strip zet stroom rechtstreeks om in licht, achter een matte kap die dat licht mooi verdeelt. Een led-buis is dus eigenlijk geen TL. Hij bootst alleen de buisvorm en de fitting na, zodat hij de oude buis kan vervangen.
Dat verschil is meer dan een woordspelletje. Omdat de techniek anders is, heeft een led-buis andere onderdelen nodig om te werken dan een fluorescentiebuis. En juist daar ontstaan de meeste misverstanden bij het vervangen. Die halen we in dit artikel stap voor stap weg.
Het grootste verschil is dat een led-buis fors zuiniger is, direct aangaat en veel langer meegaat dan een fluorescentie-TL. Waar een oude TL soms even knippert en zoemt voor hij aanslaat, geeft een led-buis meteen vol licht, zonder opstartflikker.
Zet u de twee naast elkaar, dan valt vooral het verbruik op. Een gangbare 120 cm-TL van 36 watt wordt vervangen door een led-buis van ongeveer 18 watt met vergelijkbaar licht. U gebruikt dus grofweg de helft. Fabrikanten geven voor led-buizen bovendien vaak rond de 50.000 branduren op, veel meer dan een fluorescentiebuis haalt.
In een tabel ziet u de belangrijkste verschillen op een rij:
| Kenmerk | Oude TL-buis (fluorescentie) | Led-buis |
|---|---|---|
| Lichtbron | Gasontlading + poederlaag | Ledjes op een strip |
| Verbruik (120 cm) | ± 36 W | ± 18 W |
| Opstarten | Knippert/vertraagd | Direct vol licht |
| Starter nodig | Ja (bij conventioneel armatuur) | Nee (of een led-starter) |
| Levensduur (fabrikantopgave) | Korter | ± 50.000 branduren |
| Kwik | Bevat kwik | Kwikvrij |
De led-buis wint dus op vrijwel elk punt. De enige uitdaging zit niet in de buis zelf, maar in het armatuur eronder. Dat brengt ons bij de maten en de aansluiting.
Led-buizen bestaan in twee hoofdsoorten: de dikkere T8 met een G13-fitting en de dunnere T5 met een G5-fitting. Het T-nummer zegt iets over de dikte van de buis, de G-code over de fitting waarmee hij in het armatuur klikt.
Concreet zit het zo. Een T8-buis heeft een diameter van 26 mm en de standaard G13-fitting, met twee pennen op 13 mm afstand. Een T5-buis is met 16 mm een stuk dunner en heeft de G5-fitting, met twee pennen op 5 mm afstand. De T8 is veruit het meest voorkomend in woningen, garages en oudere kantoren; de T5 ziet u vaker in strakke, moderne of ondiepe armaturen. Ze passen niet in elkaars houder, dus u kunt een T8 niet zomaar in een T5-armatuur zetten.
Naast de dikte telt de lengte. T8-led-buizen komen in vier gangbare maten, die netjes overeenkomen met het wattage van de TL-buis die u vervangt:
| Lengte | Vervangt TL van | Led-buis (ongeveer) |
|---|---|---|
| 60 cm | 18 W | 9-10 W |
| 90 cm | 30 W | 14-15 W |
| 120 cm | 36 W | 18 W |
| 150 cm | 58 W | 22-25 W |
De belangrijkste tip: meet altijd eerst de lengte van uw huidige buis op, want dát bepaalt welke led-buis erin past. Let u ook op de kleurtemperatuur. Led-buizen komen doorgaans in 3000 kelvin (warm wit), 4000 kelvin (neutraal wit) en 6000 tot 6500 kelvin (koel, daglichtwit). Voor een werkplaats of garage kiezen mensen vaak koeler licht, voor een woonruimte juist warmer. De lichtopbrengst zelf drukken fabrikanten uit in lumen: een 120 cm-buis van 18 watt geeft ongeveer 2160 tot 2880 lumen, afhankelijk van het type. Al deze waarden zijn fabrikantopgaven, dus de specificatie op de verpakking of het datasheet is leidend.
Om de juiste led-buis te kiezen heeft u drie dingen nodig: de lengte, de fitting (T8 of T5) en het type voorschakelapparaat in uw armatuur. Met die drie gegevens weet u precies welke buis past en of er nog iets aan de bedrading moet gebeuren.
Wegwijzer
Beantwoord drie korte vragen. U ziet meteen welk type buis past en of er iets aan het armatuur moet gebeuren.
Stap 1 · Hoe lang is uw huidige buis?
Stap 2 · Hoe dik is de buis en welke fitting heeft hij?
Stap 3 · Zit er een starter in uw armatuur?
Aanbevolen led-buis
Neem contact opDeze wegwijzer geeft een richting op basis van uw antwoorden. De specificatie op de verpakking of het datasheet van de buis blijft leidend.
Kort samengevat komt de keuze hierop neer:
Die laatste vraag, over de starter, bepaalt het meeste. Daarom leggen we de drie mogelijke situaties hieronder helemaal uit.
Een TL-buis vervangen door led valt uiteen in drie situaties, en welke voor u geldt hangt af van het voorschakelapparaat in het armatuur. In het ene geval is het echt een klusje van een minuut, in het andere komt er bedrading aan te pas. Zet altijd eerst de stroom uit voordat u begint.
Situatie 1: conventioneel armatuur met starter. Dit is de eenvoudigste. Een ouder armatuur met een magnetisch voorschakelapparaat heeft een starter, een klein rond huisje naast de buis. U herkent het zo. De oude buis draait u een kwartslag en neemt u eruit. Dan vervangt u de starter door een meegeleverde led-starter (een soort doorverbinding), plaatst u de led-buis van het EM-type en draait u die vast. Klaar. Het magnetische voorschakelapparaat blijft zitten en werkt gewoon mee.
Situatie 2: armatuur zonder starter (elektronisch voorschakelapparaat). Hier zit geen starter, want een elektronisch voorschakelapparaat regelt het opstarten zelf. Een gewone EM-buis werkt daar vaak niet op. U heeft dan twee opties: een universele UN-buis kiezen die ook op sommige elektronische apparaten werkt (let op de compatibiliteitslijst van de fabrikant), of het armatuur ombouwen. Bij ombouwen wordt het voorschakelapparaat overbrugd en komt er rechtstreeks 230 volt op de fittingen te staan. Dit is de stap waar het echt elektrisch werk wordt, en waar een fout kan leiden tot kortsluiting of een onveilige situatie.
Situatie 3: een nieuw led-armatuur. Een armatuur dat speciaal voor led is gemaakt, heeft helemaal geen voorschakelapparaat. Daar plaatst u de buis gewoon, of het armatuur heeft de led al ingebouwd. Voor een oude, versleten of doorgeroeste TL-bak is een compleet nieuw led-armatuur vaak de nettere en veiligere keuze dan eindeloos ombouwen.
Online wordt het vervangen van een TL-buis nog weleens weggezet als "alleen de starter eruit". Dat klopt dus alleen voor situatie 1. Heeft uw armatuur geen starter, dan valt er niets te vervangen en gaat het om ombouwen of een geschikte buis kiezen. Dat onderscheid missen is precies de reden dat een nieuwe buis soms niet aan wil.
Bij led-buizen bestaat er nog een verschil in de manier van aansluiten: eenzijdig of tweezijdig. Het zegt via welke kant of kanten van de buis de stroom binnenkomt, en dat is vooral belangrijk als u een armatuur ombouwt.
Bij een tweezijdig aangesloten buis (ook wel double-ended) komt de fase op de pennen aan de ene eindkap binnen en de nul op de pennen aan de andere kant. Bij een eenzijdig aangesloten buis (single-ended) zitten fase en nul allebei aan dezelfde eindkap; de pennen aan de andere kant houden de buis alleen mechanisch op zijn plek. In het schema hieronder zijn de bruine fasedraad en de blauwe nuldraad de twee die u correct moet verdelen; de aarde blijft geel-groen en hoort nooit op een lamppen.
Waarom dit ertoe doet: als u een armatuur ombouwt en het verkeerd bedraadt, kunt u fase en nul op dezelfde kant of zelfs op één pen krijgen, met kortsluiting of een onder spanning staande buis tot gevolg. Daarom staat op elke gefabriceerde buis een markering die aangeeft hoe hij bedoeld is, en daarom is dit werk niet zomaar "een lampje indraaien". Bij twijfel welk type u heeft, kijkt u op de opdruk van de buis of laat u het nakijken.
Led-buizen bestaan in meerdere uitvoeringen, en welke u nodig heeft, hangt af van uw armatuur en uw ruimte. Klap hieronder open wat voor u van toepassing is.
Een led-buis omwisselen in situatie 1 mag u prima zelf, maar het ombouwen van een armatuur is elektrisch werk dat u beter aan een erkende elektricien overlaat. Het verschil zit in wat u aanraakt: een buis wisselen is de lamp vervangen, een armatuur ombouwen is aan de vaste bedrading werken.
Zet in alle gevallen eerst de stroom uit, en niet alleen met de wandschakelaar. Voor werk aan de bedrading moet de betreffende groep echt spanningsloos zijn. Werk aan de vaste elektrische installatie hoort te voldoen aan de norm NEN 1010.
Let ook op de ruimte waar de verlichting hangt. In een vochtige ruimte of een zakelijk pand gelden strengere eisen, bijvoorbeeld dat de verlichting achter een aardlekschakelaar van 30 mA zit en dat uw lichtgroep in de groepenkast goed beveiligd is.
Er speelt nog iets wat online zelden wordt genoemd. Zodra u een bestaand armatuur ombouwt en het voorschakelapparaat overbrugt, wijzigt u het product. Daarmee komt de verantwoordelijkheid voor de veiligheid van dat gewijzigde armatuur bij degene te liggen die het heeft omgebouwd. Dat is een goede reden om ombouw en twijfelgevallen door een vakman te laten doen.
Twijfelt u over de staat van uw armatuur, uw bedrading of de groep waarop uw verlichting zit? Dan kijken wij graag met u mee. Met onze gratis groepenkast-check ziet u op afstand hoe uw installatie ervoor staat, en voor een ombouw of nieuwe armaturen maken wij vrijblijvend een offerte. Komt u er zelf niet uit, neem dan gerust contact op.
De belangrijkste opbrengst is een lager verbruik: een led-buis gebruikt ongeveer de helft van een vergelijkbare TL-buis, en gaat bovendien veel langer mee. Bij verlichting die veel uren brandt, tikt dat aan.
Neem een garage of werkplaats met een paar buizen die dagelijks uren aanstaan. Waar u met TL rond de 36 watt per buis zat, zit u met led rond de 18 watt, bij vergelijkbaar of zelfs beter licht. Omdat led direct vol brandt en niet knippert bij het opstarten, is het ook prettiger in ruimtes waar u het licht vaak aan- en uitdoet. En doordat fabrikanten rond de 50.000 branduren opgeven, hoeft u veel minder vaak op een trap om een doorgebrande buis te wisselen.
Een eerlijke kanttekening: laat u bij een ombouw het oude magnetische voorschakelapparaat zitten, dan verbruikt dat zelf nog een paar watt. Voor de grootste besparing wordt dat apparaat overbrugd of verwijderd, wat weer meer werk is. Wat een led-buis netto oplevert, hangt dus af van hoeveel uren de verlichting brandt en hoe uw armatuur is aangesloten. Precies uitrekenen doet u met uw eigen verbruik en tarief; wij helpen u graag met een reële inschatting voor uw situatie.
De meeste problemen met een nieuwe led-buis komen niet door de buis zelf, maar door het armatuur of de aansluiting eronder. Hieronder de situaties die het vaakst voorkomen, met wat er meestal aan de hand is.
Ziet u schroeiplekken, ruikt u een brandlucht bij het armatuur, of vertrouwt u het niet? Wacht dan niet en laat het met voorrang nakijken door een elektricien.
Veelgestelde vragen
Vaak wel, maar niet altijd 1-op-1. Heeft uw armatuur een starter (een conventioneel, magnetisch voorschakelapparaat), dan vervangt u die door een led-starter en plaatst u een EM-buis. Heeft uw armatuur geen starter, dan zit er een elektronisch voorschakelapparaat in, en werkt een gewone buis vaak niet zonder een geschikte UN-buis of een ombouw. Meet eerst de lengte en kijk of er een starter in zit.
Twijfelt u over uw armatuur? Wij kijken graag met u meeAls uw armatuur een starter heeft, ja: de oude glimstarter vervangt u door een meegeleverde led-starter, die eigenlijk een doorverbinding is. Heeft uw armatuur geen starter, dan valt er niets te vervangen; dan werkt het met een elektronisch voorschakelapparaat en gaat het om een geschikte buis kiezen of het armatuur ombouwen. De starter vervangen geldt dus alleen voor het conventionele type.
Niet zeker welk type armatuur u heeft? Stel uw vraagMeet de lengte van uw huidige buis op; dat bepaalt de maat. De gangbare lengtes zijn 60, 90, 120 en 150 cm, die respectievelijk een TL-buis van 18, 30, 36 en 58 watt vervangen. De led-buis zelf verbruikt veel minder: een 120 cm-buis is bijvoorbeeld ongeveer 18 watt. Kies daarnaast een kleurtemperatuur die bij de ruimte past, van warm (3000 K) tot koel daglicht (6500 K).
Hulp bij het kiezen van de juiste maat? Neem contact opHet verschil zit in de dikte en de fitting. Een T8 is 26 mm dik en heeft de brede G13-fitting; een T5 is 16 mm dik en heeft de smalle G5-fitting. Ze passen niet in elkaars armatuur. De T8 is het meest voorkomend in woningen en garages, de T5 ziet u in strakkere, vaak nieuwere armaturen. Controleer dus eerst welke fitting uw armatuur heeft.
Weet u niet welke buis u heeft? Wij denken graag meeEen buis wisselen mag u zelf, maar een armatuur ombouwen is werk aan de vaste bedrading en hoort te voldoen aan de veiligheidseisen. Zodra u het voorschakelapparaat overbrugt, wijzigt u het armatuur en wordt u verantwoordelijk voor de veiligheid van het geheel. Voor twijfelgevallen en ombouw adviseren wij een erkende elektricien, zeker in vochtige of zakelijke ruimtes.
Liever de ombouw laten doen? Wij helpen u graag verder