NEN 1010 — plak-klaar (Elektra Koning)

Leestijd: ± 8 minuten · Laatst bijgewerkt: juli 2026

NEN 1010 is de Nederlandse veiligheidsnorm voor het ontwerp en de aanleg van elektrische installaties op laagspanning, zoals in vrijwel elke woning en elk bedrijfspand. In gewone taal is het het regelboek waaraan een nieuwe, uitgebreide of gewijzigde elektrische installatie moet voldoen: hoeveel groepen, welke aardlekbeveiliging, hoe de aarding, hoe de leidingen, en welke extra eisen in natte ruimtes zoals de badkamer.

Denk aan NEN 1010 als de bouwtekening-met-veiligheidsregels achter uw meterkast. U ziet de norm zelf nooit, maar u ziet het resultaat: een kast met een hoofdschakelaar, aardlekbeveiliging en nette groepen, geaarde stopcontacten en veilige verlichting in de badkamer. Als uw installatie klopt, is dat vrijwel altijd omdat een installateur deze norm heeft gevolgd.

Onthoud vooral dit, want het is een veelgemaakt misverstand: NEN 1010 is een norm, geen wet. Toch komt u er in de praktijk niet onderuit. De norm wordt aangewezen vanuit de bouwregelgeving en de aansluitvoorwaarden van uw netbeheerder, en daardoor is voldoen aan NEN 1010 bij nieuw of gewijzigd werk feitelijk verplicht. Hoe dat precies zit, en of uw eigen installatie eraan voldoet, leggen we hieronder stap voor stap uit.

Inhoudsopgave
  1. Wat is NEN 1010?
  2. Is NEN 1010 een wet of een norm?
  3. Geldt NEN 1010 ook voor mijn oude installatie?
  4. Welke eisen stelt NEN 1010?
  5. NEN 1010 in de badkamer: zones en waterdichtheid
  6. NEN 1010 in de meterkast en groepenkast
  7. Het verschil tussen NEN 1010 en NEN 3140
  8. Hoe weet u of uw installatie aan NEN 1010 voldoet?

Wat is NEN 1010?

NEN 1010 is de norm die beschrijft hoe u een elektrische installatie op laagspanning veilig ontwerpt en aanlegt. "Laagspanning" is alles tot en met 1.000 volt wisselspanning, dus ook de gewone 230 volt en 400 volt in uw huis. De volledige titel luidt "Elektrische installaties voor laagspanning". Kort gezegd: het is dé norm voor de vaste elektra in gebouwen.

De naam zegt zelf al veel. "NEN" staat voor het Nederlands Normalisatie-instituut, de organisatie die normen in Nederland beheert. Het getal 1010 is simpelweg het nummer van deze specifieke norm. NEN 1010 is de Nederlandse uitwerking van de internationale en Europese normenreeks voor laagspanningsinstallaties, aangevuld met nationale eisen die specifiek voor Nederland gelden.

Belangrijk om te begrijpen is wat de norm wél en niet regelt. NEN 1010 gaat over het aanleggen van een nieuwe of gewijzigde installatie: het ontwerp, de materialen, de beveiliging en de eerste controle vóór ingebruikname. Zodra de installatie in gebruik is en u er alleen nog mee werkt of hem laat inspecteren, verschuift de aandacht naar een andere norm. Dat onderscheid met NEN 3140 lichten we verderop toe, want die twee worden vaak door elkaar gehaald.

Waarom hoort u soms "NEN 1010:2020+C1:2024"?

Een norm is niet in beton gegoten. Om de zoveel jaar verschijnt er een nieuwe editie die aansluit op nieuwe techniek en nieuwe risico's, zoals laadpalen, zonnepanelen en warmtepompen. De editie wordt aangeduid met het jaartal. De meest recente editie is NEN 1010:2020, met in 2024 een correctieblad (aangeduid als +C1:2024) dat onder andere de brandveiligheidseisen beter liet aansluiten op de bouwregelgeving. Welke editie voor úw situatie geldt, hangt af van wanneer uw installatie is aangelegd of gewijzigd.

Is NEN 1010 een wet of een norm?

NEN 1010 is een norm, geen wet. Dit is precies waar veel verwarring ontstaat. Online leest u vaak dat "NEN 1010 verplicht is", en in de praktijk klopt dat ook, maar de reden ligt subtieler dan een simpele wettekst. De verplichting loopt via een omweg.

Een norm is een breed gedragen afspraak van deskundigen over hoe iets veilig hoort te gebeuren. Op zichzelf is een norm niet dwingend. Maar de Nederlandse bouwregelgeving wijst NEN 1010 aan als de manier waarop een elektrische installatie moet worden aangelegd. Zodra een wet of besluit een norm zo aanwijst, wordt voldoen aan die norm feitelijk verplicht.

Daar komt een tweede route bij: uw netbeheerder. Om uw installatie op het openbare net aangesloten te houden, gelden aansluitvoorwaarden, en die verwijzen naar aanleg volgens NEN 1010. Ook uw verzekeraar kan bij schade vragen of de installatie volgens de norm is aangelegd. Zo ontstaat een misverstand dat we graag rechtzetten: mensen denken soms dat een norm "maar een advies" is en dus vrijblijvend. In de praktijk is voldoen aan NEN 1010 bij nieuw of gewijzigd werk dus geen keuze, ook al staat het niet als losse regel in een wetboek.

"NEN 1010 is toch gewoon verplicht sinds 2005?": waar komt dat vandaan?

Die datum, vaak genoemd als "sinds september 2005", slaat op één specifieke eis: de verplichte hoofdschakelaar in de groepenkast bij woningen waarvan de bouwvergunning ná die datum is afgegeven, of bij ingrijpende wijzigingen aan de installatie. Het is dus geen startdatum van "de hele NEN 1010", maar een moment waarop één regel breed verplicht werd. De norm zelf bestaat al veel langer en wordt periodiek vernieuwd.

Geldt NEN 1010 ook voor mijn oude installatie?

Voor een bestaande installatie die u ongewijzigd laat, geldt niet dat die met terugwerkende kracht aan de nieuwste NEN 1010 moet voldoen. Dit is misschien wel het hardnekkigste misverstand rond deze norm, en het zorgt onnodig voor zorgen bij mensen met een ouder huis.

De regel is eigenlijk logisch als u hem eenmaal snapt. Bij de aanleg gold de editie van NEN 1010 die op dat moment actueel was. Een installatie die netjes volgens de editie van bijvoorbeeld 1998 is aangelegd, hoeft niet ineens te worden omgebouwd omdat er in 2020 een nieuwe editie kwam. Pas zodra u iets wijzigt of uitbreidt, geldt voor dat nieuwe of gewijzigde deel de op dat moment geldende editie.

Toch is "het hoeft niet" iets anders dan "het is veilig". Een installatie uit de jaren zeventig of tachtig heeft vaak geen of te weinig aardlekbeveiliging, te weinig groepen voor het huidige stroomverbruik, of aarding die niet meer voldoet aan wat we nu veilig vinden. Wettelijk mag zo'n installatie blijven zitten zolang u niets verandert. Verstandig is het lang niet altijd. Juist daarom laten veel mensen bij een verbouwing meteen de groepenkast vervangen of de hele installatie controleren, ook als het strikt genomen niet hoeft.

Welke eisen stelt NEN 1010?

NEN 1010 stelt eisen aan zo ongeveer elk onderdeel van uw vaste installatie, met steeds hetzelfde doel: voorkomen dat u een schok krijgt, dat een kabel oververhit raakt, of dat er brand ontstaat. De norm is omvangrijk, maar voor een woning draait het om een handvol kernpunten die u herkent zodra u ze op een rij ziet.

NEN 1010 in uw installatie: van aansluiting tot stopcontact Schema van de route door een woninginstallatie: aansluiting op het net, hoofdschakelaar in de meterkast, aardlekbeveiliging van 30 mA, groepen met installatieautomaten en de eindgroepen in huis. Bij elke schakel staat de eis die NEN 1010 daar stelt. Fase is bruin, nul is blauw, aarde is geel-groen; fase en nul lopen altijd apart, de aarde loopt nooit via een schakelaar. NEN 1010 · VAN AANSLUITING TOT STOPCONTACT Waar raakt de norm uw installatie? Fase (L) · bruin Nul (N) · blauw Aarde (PE) · geel-groen aarde loopt apart · nooit via een schakelaar 1 0234 van het net Aansluiting op het net Huisaansluitkast en meter van de netbeheerder Aansluitvoorwaarden verwijzen naar NEN 1010 2 2-polig Hoofdschakelaar in de meterkast Maakt de hele installatie in één keer spanningsloos Veilig scheiden en schakelen · hfst. 46 3 T L + N erdoorheen · PE niet Aardlekbeveiliging Schakelt uit zodra er stroom naar aarde weglekt 30 mA op stopcontactgroepen 4 kamrail verdeelt de fase Groepen met installatieautomaten Beschermen de kabels tegen overbelasting en kortsluiting IP2X afgeschermd onder spanning niet aanraakbaar 5 randaarde (Type F) badkamer Eindgroepen in huis Stopcontacten, verlichting en de badkamer Geaard · toegankelijke verbinding Badkamer: zones · 30 mA · potentiaalvereffening elektrakoning.nl
Waar NEN 1010 uw installatie raakt: van de aansluiting via de hoofdschakelaar en de aardlekbeveiliging van 30 mA naar de groepen en de eindgroepen in huis. Fase is bruin, nul blauw, aarde geel-groen; fase en nul lopen apart, de aarde nooit via een schakelaar.

De belangrijkste eisen die een woninginstallatie raken, zijn deze:

  • Aardlekbeveiliging. Groepen met stopcontacten moeten beschermd zijn door een aardlekschakelaar van maximaal 30 milliampère. Die schakelt razendsnel uit zodra er stroom naar aarde weglekt, bijvoorbeeld door een lichaam heen.
  • Aarding en potentiaalvereffening. Metalen delen die onder spanning kunnen komen te staan, moeten geaard zijn, zodat een fout veilig wordt afgevoerd. In natte ruimtes komt daar potentiaalvereffening bij: een verbinding tussen alle metalen delen zodat er geen gevaarlijk spanningsverschil kan ontstaan.
  • Overbelasting en kortsluiting. Elke groep krijgt een installatieautomaat die de kabels beschermt tegen te veel stroom en tegen kortsluiting. De doorsnede van de kabel en de waarde van de automaat moeten op elkaar zijn afgestemd.
  • Veilig afdekken en scheiden. Onderdelen onder spanning moeten zo zijn afgeschermd dat u ze niet per ongeluk kunt aanraken. De norm eist minimaal beschermingsgraad IP2X, en aan goed bereikbare bovenzijden IP4X.
  • Toegankelijke verbindingen. Verbindingen tussen kabels moeten bereikbaar blijven voor inspectie en onderhoud, bijvoorbeeld in een lasdoos. Alleen speciale, daarvoor bestemde verbindingen (zoals een gietmof in de grond) mogen ontoegankelijk worden weggewerkt.

Waar het op neerkomt: NEN 1010 zorgt dat de zwakste schakel niet u bent. Elk onderdeel heeft een taak, en de norm bewaakt dat die taken samen een sluitend geheel vormen.

NEN 1010 in de badkamer: zones en waterdichtheid

In de badkamer stelt NEN 1010 strengere eisen dan in de rest van het huis, omdat water en elektriciteit een gevaarlijke combinatie zijn. De kern: de badkamer wordt opgedeeld in zones, en per zone bepaalt de norm wat er wel en niet mag hangen.

De norm werkt met vier gebieden, meestal aangeduid als zone 0, zone 1, zone 2 en het gebied daarbuiten. Hoe dichter bij het bad of de douche, hoe strenger de eis. In het water zelf (zone 0) mag vrijwel niets, vlak erboven en ernaast (zone 1 en 2) mogen alleen waterbestendige armaturen met een voldoende hoge IP-waarde, en pas op een veilige afstand mag u een gewoon stopcontact plaatsen.

Twee eisen gelden altijd in een natte ruimte, en die zijn het belangrijkst om te onthouden. Ten eerste moet alle elektra in de badkamer beschermd zijn door een aardlekschakelaar van 30 milliampère. Ten tweede is potentiaalvereffening verplicht: een aardverbinding tussen de metalen delen zoals waterleidingen, de afvoer en de radiator, zodat u nooit tussen twee delen een schok kunt oplopen.

Een misverstand dat online rondzingt, is dat een spatwaterdichte afdekking op zich al genoeg is voor een stopcontact naast de wastafel. Dat is te kort door de bocht. Niet alleen de afdekking telt, maar vooral wáár het punt zit ten opzichte van de zones, en of de hele groep goed is beveiligd. Twijfelt u over uw badkamer? Laat het dan bepalen door een elektricien in plaats van af te gaan op een vuistregel van internet.

NEN 1010 in de meterkast en groepenkast

In de meterkast bewaakt NEN 1010 dat u de installatie veilig kunt uitschakelen, dat de groepen goed verdeeld zijn en dat alles overzichtelijk beveiligd is. De meterkast is de hele ruimte of kast; de groepenkast is het onderdeel daarbinnen met de automaten en aardlekschakelaars. Veel mensen halen die twee door elkaar, maar de norm-eisen slaan vooral op de groepenkast.

Een paar concrete punten die de norm hier stelt. Er moet een hoofdschakelaar of vergelijkbare scheider zijn waarmee u de hele installatie in één keer spanningsloos maakt. De groepen moeten zo zijn verdeeld dat niet het hele huis uitvalt bij één storing, en stopcontactgroepen moeten achter een aardlekschakelaar van 30 mA zitten.

Een vraag die vaak terugkomt, gaat over het aantal stopcontacten per groep. Veel mensen denken dat NEN 1010 een hard maximum noemt, bijvoorbeeld "acht stopcontacten per groep". Dat klopt al jaren niet meer. Sinds de editie van 2007 staat er geen vaste tabel meer in; in plaats daarvan moet de installateur zorgen dat de groep in de praktijk goed en veilig functioneert, passend bij het verwachte gebruik. Een keuken vol zware apparaten vraagt dus meer groepen dan een slaapkamer, ongeacht het aantal stopcontacten.

Gaat uw kast op de schop, bijvoorbeeld bij een verzwaring voor een warmtepomp of laadpaal? Dan wordt de nieuwe indeling meteen volgens de actuele NEN 1010 ontworpen. Wilt u eerst weten hoe uw huidige kast ervoor staat, dan geeft een groepenkast-check uitsluitsel.

Het verschil tussen NEN 1010 en NEN 3140

NEN 1010 gaat over het aanleggen van een installatie, NEN 3140 over het veilig werken aan en gebruiken van een installatie die al in bedrijf is. Dat is het hele verschil in één zin, en het is precies waar de meeste verwarring zit. De twee normen worden constant door elkaar gehaald, terwijl ze een ander moment in het leven van een installatie bestrijken.

Zie het als bouwen tegenover onderhouden. NEN 1010 is de norm voor de aanleg: hoe wordt alles veilig ontworpen en geïnstalleerd, en hoe wordt dat gecontroleerd vóór de eerste ingebruikname? Zodra de installatie draait, neemt NEN 3140 het over: hoe verloopt de periodieke inspectie, hoe wordt er veilig aan gewerkt, en hoe blijft alles in goede staat? NEN 3140 begint dus waar NEN 1010 ophoudt.

Dat onderscheid bepaalt ook welke keuring u nodig heeft. Een controle bij oplevering van nieuw werk toetst tegen NEN 1010. Een periodieke keuring van een bestaande installatie in gebruik, zoals bij een bedrijfspand, toetst tegen NEN 3140. Wilt u om verzekerings- of arbo-redenen een inspectie laten uitvoeren, dan valt dat vaak onder een Scope-keuring.

Hoe weet u of uw installatie aan NEN 1010 voldoet?

Of uw installatie aan NEN 1010 voldoet, kunt u niet betrouwbaar met het blote oog vaststellen; daarvoor zijn een visuele inspectie én metingen nodig door een deskundige. U kunt zelf wel een paar signalen herkennen die erop wijzen dat een controle verstandig is, maar de eindconclusie hoort bij een erkende elektricien.

Een paar veelzeggende signalen dat uw installatie mogelijk niet meer voldoet: er zit geen aardlekschakelaar in de kast, er zijn oude stoppen in plaats van automaten, de stopcontacten zijn niet geaard, of de kast dateert nog uit de tijd vóór de moderne veiligheidseisen. Ook een badkamer zonder goede zone-indeling of een installatie die na een verbouwing nooit is gekeurd, zijn redenen om te laten kijken.

Wegwijzer

Wat is uw situatie?

Kies wat op u van toepassing is. U ziet meteen hoe NEN 1010 dan geldt en wat een logische vervolgstap is.

Uw situatie

Nieuw werk wordt volgens de actuele NEN 1010 aangelegd

Gaat u bouwen of verbouwen, dan wordt de nieuwe elektrische installatie ontworpen en aangelegd volgens de op dat moment geldende editie van NEN 1010. Bij de oplevering hoort een controle vóór de installatie in gebruik wordt genomen. Zo weet u zeker dat de groepen, de aardlekbeveiliging, de aarding en de badkamer kloppen. Laat dit altijd door een erkende elektricien doen en vraag om een oplevercontrole.

Uw plannen bespreken? Vraag een offerte aan

Uw situatie

Een oude installatie hoeft niet, maar mag wel gecontroleerd worden

Een bestaande installatie die u ongewijzigd laat, hoeft niet met terugwerkende kracht aan de nieuwste NEN 1010 te voldoen. Toch is "het hoeft niet" iets anders dan "het is veilig". Ontbreekt er een aardlekschakelaar, zijn er nog oude stoppen of niet-geaarde stopcontacten, dan is een controle verstandig. Met een installatiecheck weet u zwart-op-wit hoe uw installatie ervoor staat, zonder dat u meteen iets hoeft te vervangen.

Zekerheid over uw installatie? Laat het checken

Uw situatie

Het nieuwe of gewijzigde deel moet aan de actuele norm voldoen

Breidt u iets uit, zoals een extra groep, een laadpaal, een warmtepomp of een aanpassing in de badkamer, dan geldt voor dat nieuwe of gewijzigde deel de actuele editie van NEN 1010. Vaak is dan ook een verzwaring of een aanpassing van de groepenkast nodig. De installateur zorgt dat de uitbreiding veilig aansluit op het bestaande. Weet u niet zeker of uw kast er ruimte en capaciteit voor heeft?

Doe eerst de gratis groepenkast-check

Uw keuze verandert niets aan uw installatie. De wegwijzer helpt u alleen naar de juiste vervolgstap.

ELEKTRA KONING

Wat u het beste doet, hangt af van uw situatie. Bouwt of verbouwt u, dan wordt het nieuwe werk sowieso volgens de actuele NEN 1010 aangelegd en bij oplevering gecontroleerd. Heeft u een oudere installatie waar u aan twijfelt, dan is een installatiecheck de nuchtere manier om zwart-op-wit te weten hoe u ervoor staat. En wilt u iets specifieks uitbreiden, zoals een extra groep of een laadpaal, dan zorgt de installateur dat dat deel aan de norm voldoet. Twijfelt u waar u staat? Vraag het ons gerust; wij denken graag met u mee.

Veelgestelde vragen

Waar staat NEN 1010 voor?

NEN staat voor het Nederlands Normalisatie-instituut, de organisatie die normen in Nederland beheert, en 1010 is het nummer van deze specifieke norm. De volledige titel is "Elektrische installaties voor laagspanning". Het is de norm die beschrijft hoe u de vaste elektra in een gebouw veilig ontwerpt en aanlegt. NEN 1010 is de Nederlandse uitwerking van de internationale normenreeks voor laagspanningsinstallaties.

Bekijk de begrippenlijst
Wanneer is een NEN 1010-keuring verplicht?

Een controle tegen NEN 1010 hoort bij de oplevering van nieuw of gewijzigd werk, vóór ingebruikname. Voor een particuliere woning is een keuring in Nederland niet wettelijk verplicht, maar bij nieuwbouw, een verbouwing of een verzwaring is een oplevercontrole gebruikelijk en vaak een eis van netbeheerder of verzekeraar. Voor bedrijven speelt daarnaast de periodieke keuring, die tegen NEN 3140 toetst.

Wij denken graag mee
Wat kost een NEN 1010-keuring?

Een vaste prijs is er niet, want de kosten hangen af van de grootte van de installatie, het aantal groepen en of het om een woning of bedrijfspand gaat. Ook of de keuring op zichzelf staat of onderdeel is van een grotere klus, telt mee. Wij zetten liever eerst uw situatie op een rij dan dat we een bedrag noemen dat toch niet klopt.

Vraag vrijblijvend advies
Hoeveel wandcontactdozen mogen er op één groep volgens NEN 1010?

Anders dan veel mensen denken, noemt NEN 1010 sinds de editie van 2007 geen vast maximum meer. De installateur moet zorgen dat de groep in de praktijk goed en veilig functioneert, passend bij het gebruik. Een groep met zware keukenapparaten wordt dus lichter belast ontworpen dan een groep met alleen wat lampen en telefoonladers.

Doe de gratis groepenkast-check
Hoe weet ik of mijn installatie aan NEN 1010 voldoet?

Dat is met het blote oog lastig vast te stellen, want het gaat om een combinatie van visuele inspectie en metingen: aarding, isolatiewaarde en de werking van de aardlekbeveiliging. Een erkende elektricien kan dit vaststellen en legt de uitkomst vast in een rapport. Elektra Koning helpt u daarbij, zodat u zeker weet of uw installatie veilig en bij de tijd is.

Laat het vakkundig controleren
Elektra Contact Mascotte

Wilt u zeker weten of uw installatie aan NEN 1010 voldoet?

Heb je een vraag?